cocktailnieuws.2 november 2026
Panoramisch uitzicht op glooiende wijngaarden met boerderij en cipressen in Italiaans heuvellandschap
WijnVerhaal

Amarone: hoe gedroogde druiven een grote wijn maken

Druiven die maanden op rekken drogen, een zoete broer en een naam die naar bitter verwijst: zo werkt de Amarone uit de Valpolicella.

Foto: Celeste Tyree via Pexels

Amarone en Recioto naast elkaar
KenmerkAmaroneRecioto
gistingLoopt door tot droogStopt halverwege
druivenGedroogd op rekkenGedroogd op rekken
smaakKrachtig, gedroogd fruitZoet, rijp fruit
Regio
Italië, Valpolicella
Land
Italië
Rubriek
Verhaal

Op de heuvels ten noorden van Verona zijn de wijngaarden net geoogst. De trossen die je daar ziet, gaan niet meteen de pers in. Voor Amarone liggen ze maanden op houten rekken, los van elkaar, en wachten tot ze bijna opdrogen. Wie zo'n droogruimte binnenloopt, ruikt rozijnen, vijgen en iets van kersenlikeur.

Dit stuk gaat over die weg van de gedroogde druif naar het glas. Je leest waarom het drogen de wijn zo bepaalt, welke druiven erin zitten, hoe Amarone zich verhoudt tot Valpolicella, Ripasso en Recioto, en hoe je een fles kiest, bewaart en serveert. Het is het verhaal van een wijn die veel kracht heeft en toch fijnheid kan laten zien.

Wat is appassimento?

Appassimento is het Italiaanse woord voor het laten verwelken of drogen van druiven. Bij Amarone betekent het dat de geoogste trossen maanden rusten in een goed geventileerde ruimte, vaak op houten rekken of in kisten. Het water verdampt, de bessen krimpen en wat overblijft is geconcentreerder: meer suiker, meer smaak, minder vocht.

Die verdamping is niet willekeurig. De ruimte moet koel en droog zijn en voldoende luchtstroom hebben, zodat de druif langzaam droogt en niet gaat rotten. Vroeger gebeurde dit op zolders, de fruttai genoemd, en veel producenten werken nog steeds zo. De winter speelt een rol, want koelere lucht geeft de druiven de tijd om te drogen zonder te bederven.

Het resultaat is een druif die na het persen een sap geeft dat veel dikker is dan gewone most. Dat sap bevat zoveel suiker dat je bij Amarone de gisting laat doorlopen tot bijna alle suiker is omgezet in alcohol. Dat verschil tussen droog en zoet is de kern van het hele verhaal.

Corvina en de andere druiven

De hoofdrol is voor corvina. Deze druif levert kersen, zure kers, iets bitters en een frisse ruggengraat die voorkomt dat de wijn zwaar en vlak wordt. Zonder corvina is er geen klassieke Valpolicella, en ook de Amarone is grotendeels op deze druif gebouwd.

Corvina wordt meestal gecombineerd met corvinone, een grotere en steviger druif die structuur en kleur toevoegt. Rondinella draagt bij aan kleur en een zachte, bloemige toon. Molinara werd vroeger vaker gebruikt en gaf lichte zuurgraad, maar speelt in moderne blends een veel kleinere rol. De verhouding verschilt per producent en staat niet altijd helder op het etiket, dus het loont om de wijnbeschrijving van het domein erbij te lezen.

Wat dit oplevert in het glas: een Amarone met veel corvina proef je vaak als kersig en gedroogd fruit met een tikje bitterheid. Een wijn met meer rondinella kan iets ronder en rijper aanvoelen. Dat is geen regel die bij elke fles klopt, maar wel een bruikbaar handvat bij het kiezen.

Valpolicella, Ripasso, Amarone en Recioto: wat is wat

Het gebied kent meerdere wijnen die op elkaar lijken in naam maar verschillen in aanpak. Valpolicella is de basiswijn: fris, licht en vaak al jong te drinken. Valpolicella Ripasso wordt gemaakt door de wijn na de gisting nog een keer over de schillen van Amarone- of Recioto-druiven te laten gaan. Dat geeft meer kleur, body en smaak zonder de volledige droogtijd.

Amarone della Valpolicella is de droge, krachtige topwijn die volledig uit het gedroogde deel van de oogst komt. Recioto della Valpolicella gebruikt dezelfde druiven, maar de gisting wordt halverwege bewust gestopt, zodat er zoetheid overblijft. Recioto is dus de zoete broer van Amarone, en hij bestaat al langer, ook al is de droge variant het bekendst geworden.

Zowel Amarone della Valpolicella als Recioto della Valpolicella hebben DOCG-status, de hoogste Italiaanse herkomstbenaming. Binnen het grotere gebied zoeken liefhebbers ook naar specifieke dorpen en zones zoals Fumane en Marano, omdat die vaak een eigen karakter geven aan de wijn.

Wat je proeft

Een goede Amarone opent vaak met donker fruit: rijpe kers, pruim, rozijn en vijg. Daarachter komen kruiden, cacao, tabak en soms een zoete houttoon van de eikenvaten waarin de wijn rijpt. In de mond proef je de concentratie: de wijn vult de ruimte, zonder dat het pappig hoeft te zijn.

Let op de balans. Het gedroogde fruit is een mooi element, maar zuur en tannine moeten het dragen, anders wordt de wijn zwaar en stroperig. Een jonge Amarone kan ruw en gesloten aanvoelen. Een wijn die langer rijpt wordt zachter en krijgt nieuwe nuances zoals leer, aarde en gedroogde kruiden. Vaak zit er ook een bittertje op de achterkant, een lichte amandel- of kersentoets, en dat past bij de naam: het Italiaanse amaro betekent bitter. De precieze herkomst van de naam is niet helemaal eenduidig, maar het bittere element is wel herkenbaar in de wijn.

Alcohol, zoet en bewaren

Amarone is een krachtige wijn. Het alcoholgehalte ligt vaak rond of boven de veertien procent, omdat de geconcentreerde most veel suiker bevat die door de gisting wordt omgezet. Dat is niet hetzelfde als zoet: door de vergisting verdwijnt die suiker bijna volledig, waardoor de wijn droog blijft ondanks het warme gevoel in de keel.

De combinatie van alcohol, tannine en zuur maakt Amarone geschikt om lang te rijpen. Veel liefhebbers bewaren hun flessen jaren, en sommige zelfs decennia, mits de omstandigheden kloppen. Vergelijkbare vragen spelen bij de nebbiolo uit Piemont: ook daar bepaalt de structuur hoe lang een fles mooi blijft. Lees het verhaal over Barolo en Barbaresco als je het verschil tussen jonge en gerijpte stijlen wilt verkennen.

Bewaar een Amarone in een koele, donkere ruimte met een redelijk constante temperatuur en luchtvochtigheid. Vermijd warmte en schommelingen, want die doen een wijn sneller verouderen dan je wilt. Die zorg is belangrijker dan de vraag of je een echte wijnkelder hebt.

Wat dit voor jou betekent

Wie een Amarone koopt, doet er goed aan eerst naar het type op het etiket te kijken: Valpolicella, Ripasso, Amarone of Recioto. Die termen zeggen je meer dan de naam van het domein. Een Ripasso geeft je een middenweg, een Amarone een volle, rijpe stijl en een Recioto een zoete wijn die bij dessert past. Let daarnaast op het dorp en de producent, want een domein met een duidelijke stijl geeft meer houvast dan een generieke fles. Biodivino importeert wijnen uit deze regio, dus de link hieronder is commercieel: wie wil verkennen, kan kijken naar een selectie Valpolicella van Biodivino.

Als je een Amarone ziet als belegging, houd het nuchter. Wijn is geen spaarrekening. Prijzen van gerenommeerde flessen kunnen stijgen en dalen, en of een wijn na tien of twintig jaar nog precies zo goed is, valt vooraf niet te garanderen. Lees dit als informatie, geen beleggingsadvies, en koop in de eerste plaats een fles die je ook wilt drinken.

Bij het drinken: serveer Amarone op ongeveer zestien tot achttien graden, niet koud en niet warm. Zet een jonge fles een halfuur voor het ingieten open, zodat de wijn kan ademen en het fruit zich laat zien. Combineer hem met rood vlees, wild, stoofgerechten of belegen kaas. Een Recioto past bij blauwe kaas of een donkere chocoladedessert.

Veelgestelde vragen

Wat is appassimento bij Amarone?

Appassimento is het drogen van druiven op rekken, meestal maanden lang in een koele, luchtige ruimte. Het water verdampt, waardoor het sap geconcentreerder wordt en de Amarone uit de Valpolicella meer smaak en suiker krijgt. Daarna wordt het sap vergist tot een droge, krachtige wijn.

Welke druiven zitten in Amarone?

Amarone wordt hoofdzakelijk gemaakt van corvina, aangevuld met corvinone en rondinella. Molinara werd vroeger vaker gebruikt en speelt nu een kleinere rol. De verhouding verschilt per producent.

Is Amarone een zoete wijn?

Nee, Amarone della Valpolicella is droog, omdat de gisting bijna alle suiker omzet in alcohol. De zoete variant uit hetzelfde gebied is Recioto della Valpolicella, waarbij de gisting halverwege wordt gestopt.

Wat is het verschil tussen Amarone en Ripasso?

Ripasso is een Valpolicella die na de gisting nog over de schillen van Amarone- of Recioto-druiven gaat, waardoor hij voller wordt. Amarone wordt volledig gemaakt van gedroogde druiven en heeft een sterker, rijper karakter.

Hoeveel alcohol heeft Amarone?

Amarone heeft vaak rond of boven de veertien procent alcohol, omdat de geconcentreerde most veel suiker bevat. Ondanks die kracht blijft de wijn droog.

Hoe lang kun je Amarone bewaren?

Door zijn alcohol, tannine en zuur kan Amarone della Valpolicella jaren tot soms decennia rijpen. Bewaar hem koel, donker en met een stabiele temperatuur en luchtvochtigheid.

Bij welk eten past Amarone?

Amarone past goed bij rood vlees, wild, stoofgerechten en belegen kaas. Serveer hem op ongeveer zestien tot achttien graden en open een jonge fles ruim van tevoren.